Juridisch Bureau Letselschade & Gezondheidsrecht

Causaliteitsproblemen bij medisch niet-objectiveerbare klachten als gevolg van een verkeersongeval

Winnaar JBL&G Scriptieprijs 2019

Causaliteitsproblemen bij medisch niet-objectiveerbare klachten als gevolg van een verkeersongeval (Samenvatting)*

Er is al veel geschreven over en onderzoek gedaan naar het aannemen van juridische causaliteit in geval van whiplash. Voor whiplash is het inmiddels vaste jurisprudentie dat ondanks het ontbreken van medische causaliteit er onder omstandigheden toch, middels een plausibiliteitstoets, juridische causaliteit kan worden aangenomen. Hetzelfde kan niet worden gezegd over medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash. Dit roept de vraag op hoe in de jurisprudentie wordt geoordeeld over medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash. Daarom staat in deze scriptie de volgende onderzoeksvraag centraal: ‘Welke omstandigheden spelen blijkens de civielrechtelijke jurisprudentie een rol bij het aannemen van juridische causaliteit in geval van medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash als gevolg van een verkeersongeval en hoe verhoudt dit zich tot de whiplashjurisprudentie en de juridische literatuur?’.

Ter beantwoording van de onderzoeksvraag zijn twee jurisprudentieonderzoeken uitgevoerd. Allereerst is een jurisprudentieonderzoek verricht naar medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash. Daarnaast is ook een jurisprudentieonderzoek verricht naar whiplash om de parallel met de whiplashjurisprudentie te kunnen trekken. De reden hiervoor is dat juist de aanleiding voor onderhavig onderzoek de discussie is over de toepassing van de whiplashjurisprudentie in niet-whiplashzaken. De gevonden jurisprudentie is systematisch geanalyseerd aan de hand van stappenplannen die ontleend zijn aan Kloosterhuis, maar omgevormd zijn tot één stappenplan, aangepast en toegespitst op onderhavig onderzoek.

Uit de vergelijking van beide jurisprudentieonderzoeken volgt dat bij medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash dezelfde omstandigheden relevant zijn voor het aannemen van juridische causaliteit als bij whiplash. Deze omstandigheden kunnen worden herleid tot een toetsingskader bestaande uit twee stappen. De eerste stap houdt in dat het bestaan van de klachten in juridische zin vastgesteld dient te worden. Daartoe worden in de jurisprudentie verschillende maatstaven gehanteerd. De eerste maatstaf brengt mee dat objectief vastgesteld moet worden dat de klachten aanwezig, reëel, niet ingebeeld, niet voorgewend en niet overdreven zijn. De tweede maatstaf betreft dat er sprake moet zijn van een plausibel klachtenpatroon, inhoudende dat de klachten consistent, consequent en samenhangend zijn. In de praktijk leiden beide maatstaven tot hetzelfde resultaat. Het komt er immers in essentie op neer of de rechter op grond van de medische informatie tot de overtuiging komt dat het slachtoffer de gestelde klachten daadwerkelijk heeft. De tweede stap houdt in dat het causaal verband in juridische zin aangetoond dient te worden, hiervoor dient blijkens het jurisprudentieonderzoek aan drie cumulatieve criteria te worden voldaan. Vereist is dat de klachten voor het ongeval niet bestonden, door het ongeval kunnen worden veroorzaakt en een alternatieve oorzaak voor de klachten ontbreekt. De stelplicht en bewijslast ten aanzien van beide stappen rust op het slachtoffer en uit de jurisprudentie volgt dat de rechter daarbij een cruciale rol toebedeelt aan medische rapportages. Echter, bij een deelgeschilprocedure is er geen plaats om aanvullend medisch onderzoek te verrichten en daarmee vormt de soort procedure in sommige gevallen een beperking voor het vaststellen van de juridische causaliteit. Bovengenoemde omstandigheden zijn in Zwolsche Algemeene/De Greef en latere rechtspraak geformuleerd in het kader van de whiplashjurisprudentie en blijken dus ook te worden toegepast in geval van medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash.

De uitkomsten van het onderzoek bieden de diverse betrokkenen in een letselschadeprocedure, betreffende medisch niet-objectiveerbare klachten als gevolg van een verkeersongeval, duidelijkheid omtrent het toetsingskader dat heeft te gelden voor het aannemen van juridische causaliteit. Uiteindelijk is het aan de rechter om het toetsingskader dat uit de jurisprudentie gedestilleerd kan worden daadwerkelijk te doorlopen en toe te passen in het concrete geval. Uiteraard blijft discussie over de opportuniteit van de toepassing van de whiplashjurisprudentie buiten whiplash mogelijk, zowel over de in de rechtspraak ingezette lijn met betrekking tot verkeersongevallen als over de toepassing van de whiplashjurisprudentie in geval van andere ongevallen, zoals bedrijfsongevallen. In ieder geval is middels dit jurisprudentieonderzoek de in de rechtspraak toegepaste lijn voor medisch niet-objectiveerbare klachten anders dan whiplash bij verkeersongevallen helder geworden.

*De volledige versie van de scriptie kunt u hier lezen.

icon-free

Gratis

De juristen van JBL&G werken altijd gratis voor slachtoffers met letsel. Lees op onze site hoe dit mogelijk is.

icon-near

Bij u in de buurt

JBL&G heeft kantoren in Amsterdam, Rotterdam, Deventer, Groningen en Den Haag. Onze juristen komen door heel Nederland bij u op bezoek.

Icon Power

Keurmerk

JBL&G staat ingeschreven in het Nationaal Keurmerk Letselschade. Dit keurmerk staat garant voor onafhankelijkheid en kwaliteit.

icon-experienced

Ervaring

Door 15 jaar ervaring bent u met de hulp van JBL&G verzekerd van de maximale schadevergoeding en krijgt u snel een uitbetaling.